Misschien heb je wel eens over dit ingrediënt gehoord of gelezen; palmolie. Deze olie is goedkoop en veelzijdig waardoor voedingsproducenten het graag in hun producten stoppen. Helaas zitten er veel nadelen aan het gebruiken van palmolie en in dit artikel licht ik verder uit waarom het beter is om producten met palmolie zo veel mogelijk te vermijden.
Palmolie in dagelijkse voeding
Zie jij ook steeds vaker dat bedrijven met trots op hun verpakking vermelden dat er geen palmolie in het product zit? Of heb je überhaupt nog nooit gehoord van dit ingrediënt? Palmolie komt van de oliepalm (Elaeis guineesis) en groeit goed in het tropische klimaat, zoals Indonesië en Maleisië. Aan de bovenkant van de boom groeien vruchten die rijk aan olie zijn en deze worden dan ook geoogst en de olie wordt met machines onder hoge druk geperst om zoveel mogelijk olie eruit te halen. Je zou dit proces kunnen vergelijken met het proces om olijfolie uit olijven te halen.
Bulk ingrediënt
Palmolie zit verwerkt in 60% van de voedingsmiddelen die verkrijgbaar zijn in de supermarkt en van alle olie die wereldwijd wordt gebruikt, is 32% afkomstig van de oliepalm. Het is dus een super veel gebruikte olie en zonder dat je het weet nuttig je het dagelijks. Zo zit palmolie in margarines, ijs, chocolade en kant-en-klaarmaaltijden. Maar is het dan echt zo slecht voor je?
Veel verzadigde vetten
Het gebruik van palmolie in deze mate heeft op twee manieren een slechte invloed op de wereld. Ten eerste bevat deze oliesoort meer verzadigde vetten dan andere oliesoorten en dit kan negatieve gevolgen geven voor je lichaam. Hierdoor is palmolie dus ook geen onderdeel van de Schijf van Vijf. Meer informatie over verzadigde vetten kun je in dit artikel van mij lezen. Het is dus beter om de oliën die je binnenkrijgt zoveel mogelijk onverzadigd te krijgen, zo kun je het beste noten en vette vis eten om aan je aanbevolen dagelijkse hoeveelheid vet/olie te komen.
Ontbossing van tropisch regenwoud
Maar er is dus nog een groot probleem wat aan het gebruik van palmolie kleeft. En ik vind dit nog een veel groter probleem, namelijk de enorme mate van ontbossing in regenwouden speciaal voor de aanmaak van oliepalmplantages. Hierdoor verdwijnen dus miljoenen hectares regenwoud en de vraag naar palmolie groeit nog steeds. Door de verandering van regenwoud naar oliepalmplantages is de diversiteit van planten en bomen verlaagd naar één soort, wat natuurlijk niet de gevarieerde voeding oplevert voor dieren die normaal in het regenwoud wonen, waardoor deze gebieden onbewoonbaar worden voor dieren. Daarnaast worden bestrijdingsmiddelen gebruikt die dodelijke gevolgen brengt voor vele diersoorten. Daarnaast komen er grote hoeveelheden broeikasgassen vrij door de machines die gebruikt worden voor het ontbossen.
Orang-oetans
De belangrijkste diersoort die in de problemen is gekomen door de ontbossing van de tropische regenwouden is de orang-oetan. De orang-oetan behoord tot de mensapen en leeft op Borneo en Sumatra. Het is een bedreigde diersoort want door de vermindering van de hoeveelheid regenwoud gaat het aantal orang-oetans sterk achteruit. Er zijn nu nog ongeveer 57.000 orang-oetans over. Als wij dus niet bewust worden van de schade die de productie van palmolie aanricht dan kan de orang-oetan uitsterven en dat puur omdat wij goedkoop eten willen.
De oplossing
Gelukkig is er ook duurzame palmolie te vinden in producten van de supermarkt. Deze kunnen herkenbaar zijn aan de keurmerken ‘Het Greenpalm keurmerk’ en ‘Het RSPO-keurmerk’. Probeer dus om geen palmolie meer te nuttigen of gebruik te maken van producten waarin duurzame palmolie verwerkt is. Zo kunnen wij ervoor zorgen dat voedingsproducenten hun huidige producten aanpassen en andere vormen van olie gaan gebruiken die minder of geen slechte gevolgen heeft voor de aarde.
Heb je nog vragen over dit artikel? Of heb je onderwerpen die ik de volgende keer kan bespreken? Laat het achter in de reacties.
Bron: Expertpanel, Voedingscentrum